
KINSHASA – Vier Afrikaanse staatshoofden roepen de internationale partners op om de financiële steun voor de strijd tegen ebola sneller en transparanter beschikbaar te stellen. Het gaat om de Congolese president Félix Tshisekedi, de Oegandese president Yoweri Museveni, de Centraal-Afrikaanse president Faustin-Archange Touadéra en de Burundese president Évariste Ndayishimiye. Samen met Jean Kaseya, directeur-generaal van Africa CDC, publiceerden ze een opiniestuk in Jeune Afrique.
De boodschap is duidelijk: de beloofde financiële steun volstaat niet. Het geld moet vlugger op het terrein terechtkomen, beter worden gecoördineerd en volledig traceerbaar zijn.
Volgens de Afrikaanse leiders zegden internationale donoren voor de ebolabestrijding in de Democratische Republiek Congo en Oeganda ongeveer 1,2 miljard dollar toe. Tot nu toe is daarvan slechts 816 miljoen dollar daadwerkelijk uitgekeerd.
Elke vertraging heeft volgens hen directe gevolgen voor de bevolking. Dorpen blijven verstoken van noodzakelijke behandelingen en sommige surveillanceteams kunnen de getroffen gemeenschappen niet bereiken.
De ondertekenaars waarschuwen ook voor een versnippering van de hulp wanneer middelen buiten de nationale structuren worden ingezet of wanneer te weinig duidelijk is waarvoor het geld wordt gebruikt. Omdat ebola geen rekening houdt met landsgrenzen, zijn nationale plannen alleen volgens hen ontoereikend om een grensoverschrijdende surveillance, laboratoria en volksverplaatsingen effectief te coördineren.
Vier vragen over elke dollar
Tshisekedi, Museveni, Touadéra, Ndayishimiye en Kaseya vragen in de eerste plaats dat de toegezegde middelen snel worden vrijgemaakt en worden afgestemd op de nationale prioriteiten.
Daarnaast eisen zij een volledige traceerbaarheid van de financiering. Voor elke uitgegeven som moeten volgens hen vier vragen kunnen worden beantwoord: Waar is het geld terechtgekomen? Wanneer? Voor welke interventie? En met welk resultaat?
De regeringen moeten volgens de ondertekenaars een volledig overzicht hebben van alle beschikbare middelen en van de manier waarop die worden besteed.
Tegelijkertijd pleiten de presidenten ervoor om zowel de nationale bestrijding van de epidemie als de regionale coördinatie te financieren. Daarbij gaat het onder meer om grensoverschrijdende surveillance, laboratoria en mobiele noodteams.
Hun voorgestelde aanpak vatten ze samen in één formule: de landen sturen, Africa CDC coördineert en internationale partners ondersteunen. Daarnaast roepen ze Afrikaanse landen op om zelf meer te investeren in hun gezondheidszorg.
Meer dan 2.500 doden in Congo
De ebola-uitbraak werd op 15 mei officieel afgekondigd en breidde zich inmiddels uit naar zes Congolese provincies. Volgens de aangehaalde cijfers eiste de epidemie in de DR Congo al meer dan 2.500 mensenlevens . Daarmee overtrof de huidige uitbraak in slechts drie maanden de epidemie van 2018-2020, die tot nu toe als de dodelijkste uitbraak in de geschiedenis van het land werd beschouwd.
WHO scherpt aanbevelingen aan
De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) scherpte haar aanbevelingen voor de DR Congo aan. In de getroffen gebieden adviseert de organisatie onder meer om grote drukte in restaurants, cafés en nachtclubs te beperken en het aantal passagiers op motorfietsen te beperken tot één.
Verder vraagt de WHO om een veilige heropening van scholen en om 24 uur per dag gezondheidsscreening op wegen naar gebieden met een hoog risico.
Ook op het waterverkeer wordt extra toezicht gevraagd. Zo moet de gezondheidssituatie worden opgevolgd op boten en vaartuigen die getroffen gebieden verbinden met grote steden, waaronder Kinshasa.
De WHO pleit niet voor een opschorting van vluchten of rivierverbindingen met de DR Congo en evenmin voor een toegangsverbod voor reizigers.
© CongoForum, 25.08.26 (rk)
Beeld – bron: Radio Okapi