
KINSHASA – De Congolese regering onderzoekt nieuwe mogelijkheden om de hoofdstad Kinshasa met petroleumproducten te bevoorraden. Op een recente vergadering vroeg de minister van Brandstoffen, Acacia Bandubola Mbongo, om een technische commissie in te stellen die gedurende drie maanden moet onderzoeken hoe de pijpleiding tussen Ango-Ango (Centraal-Kongo) en Kinshasa meer kan renderen. Dat melden de nieuwssites Congo Quotidien en Actua30.cd.
Een werkgroep met verantwoordelijken van de Société d’entreposage des produits pétroliers (SEP Congo), ENGIP, Cobil en vertegenwoordigers van het ministerie van Nationale Economie onderzocht de risico’s van de brandstoftekorten in de hoofdstad.
SEP Congo stelt voor om het middel DRA (‘Drag Reducing Agent’) in te zetten. Dat product maakt de stromingsweerstand minder groot. Het gebruik van het middel kan helpen om het debiet van de pijpleiding op te voeren en de geleverde hoeveelheden te vergroten. De technische commissie moet nu bekijken of het idee kan werken en of het op grote schaal kan worden toegepast. Na die evaluatie kan DRA eventueel op grote schaal worden ingezet.
Alain Ilunga, de voorzitter van de raad van bestuur bij SEP Congo, zegt dat zijn onderneming wil helpen om de pijpleiding beter te laten presteren en zo de problemen met de brandstofvoorziening in Kinshasa aan te pakken.
Volgens Richard Beya Ilunga, de algemeen directeur van ENGIP, wordt het middel DRA al in diverse landen gebruikt. Ook in Centraal-Afrika.
Bij de evaluatie moet ook rekening worden gehouden met de opslag- en distributiecapaciteit voor petroleumproducten, om te bepalen of de huidige installaties kunnen voldoen aan de veranderende vraag in de hoofdstad.
© CongoForum, 23.10.26 (em)
Beeld – bron: Min. v. Brandstoffen