
BENI – De hoge VN-functionaris Jean-Pierre Lacroix heeft zondag zijn vijfdaagse bezoek aan de DR Congo afgerond in Beni, de voorlopige hoofdstad van de provincie Noord-Kivu. De eigenlijke hoofdstad, Goma, is al vele maanden bezet door de rebellen van M23/AFC.
Lacroix is niet te spreken over de belemmeringen die de VN-blauwhelmen ondervinden door toedoen van de rebellen, bericht Radio France Internationale. Kinshasa vraagt niet langer het vertrek van de VN-vredesmacht (Monusco) omdat de veiligheidssituatie zo problematisch is in delen van Oost-Congo.
De rebellen waken erover dat de vredesmacht in Goma niet veel bewegingsruimte meer krijgt. De blauwhelmen kunnen zich minder vlot verplaatsen, en ook de levering van benodigdheden voor de manschappen wordt beperkt. “Die druk is onaanvaardbaar”, zegt Lacroix. “We willen al het mogelijke ondernemen om deze beperkingen opgeheven te krijgen.”
Er is ook een financieel probleem want de vredesoperaties van de VN moeten het met veel kleinere budgetten stellen. Dat heeft in belangrijke mate te maken met de opstelling van de Verenigde Staten. De VN-vredesmacht in Congo (Monusco) zou het met minder geld moeten doen, maar haar rol zou juist moeten worden uitgebreid wegens de grote onveiligheid en de politieke crisis in het land.
Jean-Pierre Lacroix is van mening dat de VN-lidstaten zich consequent moeten gedragen en ervoor moeten zorgen dat Monusco over genoeg middelen blijft beschikken. De financiën moeten overeenstemmen met het stemgedrag wanneer de situatie in Congo op tafel ligt, luidt het.
De hoge VN-vertegenwoordiger is overigens bang dat het vredesproces in Congo verlamd raakt en dringt aan op concrete resultaten die zichtbaar zijn op het terrein.
© CongoForum, 08.09.25 (db)
Beeld – bron: Monusco, Kinshasa/Radio Okapi