
KINSHASA – Er heerst grote onrust onder de groententelers die werkzaam zijn op het agro-industriële domein van de president in N’sele (Daipin), ten oosten van Kinshasa. Sinds enkele weken dreigen ze te worden verdreven, nadat landmeters zijn opgedoken om de gronden die zij al tientallen jaren bewerken, af te bakenen.
Volgens de groententelers bestaat dit landbouwgebied al sinds 1968 en heeft het altijd gediend als belangrijkste groenteteeltgebied voor de Congolese hoofdstad. Hoewel Daipin momenteel failliet is, wordt het beheerd door een zogenaamd “erfgoedcomité”, dat is opgericht door de Présidence en wordt geleid door een projectleider. Deze laatste wordt er door de exploitanten van beschuldigd dat hij de terreinen wil plunderen.
Er zijn ook nog de manoeuvres van sommige voormalige medewerkers en kaderleden van Daipin, die meer dan 20.000 telers die zich op het domein hebben gevestigd, zouden willen verdrijven. Er zouden zelfs ontruimingsoperaties zijn uitgevoerd met de steun van enkele leden van de Republikeinse Garde die belast zijn met de bescherming van het terrein, wat de angst bij de exploitanten nog vergroot.
Ondanks talrijke stappen bij de bevoegde autoriteiten is er tot nu toe geen concrete oplossing gevonden. De telers beweren via sociale media te hebben vernomen dat de voormalige minister van Grondzaken, Acacia Bandubola, eenzijdig bepaalde beslissingen heeft genomen, waarbij delen van het terrein aan particulieren worden overgedragen. Dat roept ernstige vragen op over de werkelijke betrokkenheid van de Congolese staat bij de verkoop van dit agrarische erfgoed.
Vandaag de dag leven de groententelers in angst omdat ze zich in de steek gelaten voelen door de autoriteiten en verstoken zijn van elke institutionele bescherming. Vastbesloten om hun bestaansmiddelen te behouden, zeggen ze bereid te zijn offers te brengen om hun landbouwgrond te behouden. Ze hekelen ook het schrijnende gebrek aan begeleiding van de landbouwsector bij Daipin.
Volgens de telers zou het verdwijnen van de groentetuin van Daipin rampzalige gevolgen hebben voor de stad Kinshasa. “Als deze locatie verdwijnt, zullen verschillende landbouwproducten ontbreken op de markten van Kinshasa. De stad beschikt niet over genoeg graanschuren om dit verlies te compenseren”, waarschuwen ze.
Champlin Ikulu, voorzitter van het college van oprichters van de vereniging N’sele Motema, roept de Congolese staat op om een samenhangend en beschermend landbouwbeleid te voeren. “De transformatie van de landbouwsector vereist de bescherming van landbouwgrond, de beveiliging van telers en de waardering van hun activiteiten”, zegt hij in de krant Le Potentiel. Hij adviseert de telers om elke vorm van geweld te vermijden en hun rechten op te eisen met respect voor de openbare orde.
© CongoForum, 22.12.25 (rk)
Beeld – bron: Présidence RDC