Limburgse Winke Vanderhoven zet zich in voor school in Congolees dorp Kiabukwa (CongoForum)

KAMINA – Toen Winke Vanderhoven uit Dilsen-Stokkem besloot haar leven in België achter zich te laten en naar de Democratische Republiek Congo te verhuizen, wist ze dat ze een totaal nieuw bestaan tegemoet ging. Vandaag woont de dertiger in het afgelegen dorp Kiabukwa, waar ze meewerkt aan de ontwikkeling van een lokale school met 650 leerlingen. Haar missie: kinderen in de regio toegang geven tot degelijk onderwijs. Kiabukwa is een klein dorp. Het ligt in de provincie Haut-Lomami, in de buurt van de stad Kamina.

Onderwijs brengen waar het ontbreekt

In veel rurale gebieden in delen van Congo is onderwijs nog steeds moeilijk toegankelijk. Scholen liggen vaak op grote afstand van dorpen, en voor veel families is het praktisch of financieel onmogelijk om hun kinderen elke dag kilometers te laten afleggen.

Om daar iets aan te veranderen helpt Vanderhoven bij de organisatie en uitbouw van een dorpsschool. Als coördinator houdt ze zich bezig met de dagelijkse werking. Ze zoekt leerkrachten, helpt bij het aanstellen van een schooldirecteur, zorgt voor lesmateriaal en volgt de leerlingen op.

Dankzij het initiatief kunnen kinderen uit Kiabukwa nu dichter bij huis naar school. Voor heel wat leerlingen betekent het de eerste keer dat ze regelmatig onderwijs krijgen.

Ander leven dan in België


Het leven in Kiabukwa verschilt sterk van wat Vanderhoven gewend was in België. Basisvoorzieningen zijn schaars en het dagelijkse leven verloopt er eenvoudiger.

Ze woont midden in de dorpsgemeenschap en werkt intens samen met ouders, lokale chefs en leerkrachten. In plaats van een strak georganiseerde Europese schoolstructuur draait het project vooral rond samenwerking met de bevolking zelf.

Volgens Vanderhoven is precies dat essentieel: een school kan alleen blijven bestaan als de gemeenschap er actief achter staat.

Praktische obstakels

De uitbouw van onderwijs in een afgelegen regio brengt verschillende uitdagingen met zich mee. Scholen kampen vaak met een tekort aan middelen. Lesboeken, schoolbanken en ander materiaal zijn niet altijd beschikbaar, waardoor projecten vaak afhankelijk blijven van externe steun.

Ook de infrastructuur vormt een probleem. Slechte wegen maken het transport van materiaal moeilijk, en tijdens het regenseizoen raken sommige dorpen zelfs tijdelijk moeilijk bereikbaar.

Daarnaast zijn de leefomstandigheden eenvoudig. Elektriciteit is niet altijd beschikbaar en medische voorzieningen liggen vaak ver weg.

Vertrouwen winnen

Toen het schoolproject van start ging, stonden sommige ouders aanvankelijk aarzelend tegenover het initiatief. In veel gezinnen helpen kinderen immers mee op het land, wat belangrijk is voor het levensonderhoud.

Daarom moest er eerst vertrouwen groeien tussen de dorpsbewoners en de initiatiefnemers van de school. Door gesprekken met ouders en overleg met chefs van de dorpen wist Vanderhoven stap voor stap steun op te bouwen. Intussen sturen steeds meer families hun kinderen naar de klas.

Investeren in de toekomst

Ondanks de moeilijkheden voelt Vanderhoven zich sterk verbonden met de gemeenschap waarin ze leeft en werkt. Ze ziet dagelijks hoe onderwijs nieuwe kansen kan creëren voor kinderen die anders weinig perspectief zouden hebben.

Voor Winke is het project dan ook geen tijdelijke opdracht. Ze wil de school voort laten groeien zodat die op termijn zelfstandig kan functioneren.

Onderwijs, benadrukt ze vaak, is een van de krachtigste manieren om de toekomst van kinderen te veranderen. Daarom blijft haar focus voorlopig volledig liggen op Kiabukwa en op de leerlingen die er elke dag naar school komen.

Met haar engagement wil de Limburgse bijdragen aan een eenvoudige maar betekenisvolle verandering: kinderen in een afgelegen Congolees dorp de kans geven om te leren, zich te ontwikkelen en hun eigen toekomst vorm te geven.

© CongoForum, 11.03.26 (rk)

Beeld – bron: Facebook

Nos sponsors