
KINSHASA – De ‘Association des Jeunes Écrivains du Congo’ (AJECO) organiseerde op vrijdag 9 mei een conferentie met als thema “Literatuur in Congolese talen: vragen over productie en ontvankelijkheid”. Het evenement vond plaats in het Cultureel Centrum Miezi in Kinshasa.
Drie sprekers wisselden van gedachten over de uitdagingen van de literaire productie in Congolese talen en de manier waarop die in het culturele milieu wordt ontvangen, schrijft Actualité.cd.
Edimon Lumbidi, een cultureel medewerker en onderzoeker in de taalkunde, benadrukte het belang van het houden van je eigen taal en het promoten ervan door middel van literaire creatie, als een daad van erkenning van je eigen identiteit.
“Taal is een pijler van persoonlijke en collectieve identiteit. Taal brengt onze tradities, overtuigingen en geschiedenis over. Ervan houden is onze wortels eren. Vooral het Lingala is een pijler van onze linguïstische en culturele identiteit”, zei Lumbidi.
De onderzoeker bracht hulde aan de schrijver Bienvenu Sene Mongaba, die met zijn werk de liefde voor de lokale talen stimuleerde, en beloofde zelfs een boek in het Lingala te publiceren om de Congolese cultuur te promoten, omdat de ontwikkeling van het land volgens hem in de eerste plaats afhangt van de toewijding van zijn burgers.
“Vooruitgang komt niet van buiten of per toeval. Het hangt af van de collectieve wil om te investeren in onderwijs, respect voor waarden en de promotie van de nationale cultuur”, aldus Lumbidi. Hij vertelde over een persoonlijke ervaring en herinnerde aan de impact van onderwijs in de moedertaal. “Toen ik kinderen Lingala ging aanleren, leerde ik ze het volkslied in die taal. Het gaf hen het gevoel erbij te horen. Wat we zeggen is niet voor de show, maar om het land op te bouwen. Wanneer de intelligentie niet spreekt, zal de domheid schreeuwen.”
De Congolese schrijfster Chancel Kapalang benadrukte ook hoe belangrijk het is om lokale talen te promoten. “Een taal die wordt gewaardeerd is een cultuur die leeft, trots is en naar de toekomst kijkt. Zo bevestigen we onze waardigheid en verzetten we ons tegen de culturele uitwissing als gevolg van kolonisatie en globalisering”, zei de schrijfster.
“Ik spreek al het Lunda sinds ik een kind was. Ik woon al 20 jaar in Kinshasa, maar ik heb mijn taalkundige oriëntatie nooit verloren. Zelfs aan de telefoon praat mijn vader soms in onze taal”.
Kapalang hekelt het taalcomplex dat nog steeds aanwezig is in de maatschappij, waardoor Lingala-sprekers als minderwaardig worden gezien tegenover Frans- of Engelstaligen, zelfs op Congolese scholen.
Sensei Nduki, een culturele columnist, pleitte voor een literatuur die geworteld is in de nationale talen. “We moeten in onze eigen talen schrijven. Alleen dan kunnen we spreken van een echte Congolese literatuur. Wie in het Frans of Engels schrijft, produceert Franstalige of buitenlandse literatuur”, zei Nduki.
Hij wees er ook op dat schrijven in de lokale taal de toegang tot lezen vergemakkelijkt. “Mensen leren gemakkelijker in hun moedertaal. Dit moedigt de geletterdheid aan. Maar er zijn nog veel obstakels: de beperkte toegang tot boeken en de lage status van nationale talen.”
Nduki wil dat de Congolese talen de plaats krijgen die ze verdienen in literaire en academische kringen, die nog altijd grotendeels gedomineerd worden door ‘koloniale talen’.
Een Congolese literatuur in het Lingala, Kikongo, Swahili of Tshiluba helpt de nationale identiteit op te bouwen en de cultuur te bewaren. Ze vertelt het verhaal van het echte leven – conflicten, ballingschap, de zoektocht naar gerechtigheid – en verrijkt de interculturele dialoog. De Congolese literatuur staat voor een vorm van emancipatie, verzet en viering van identiteit, die almaar belangrijker wordt in een geglobaliseerde wereld.
© CongoForum, 14.05.25 (rk)
Beeld – bron: Afbeelding van svecaleksandr249 via Pixabay