Duizenden doden, ontelbaar veel gewonden en meer dan vijf miljoen vluchtelingen die nergens heen kunnen (Walter Zinzen)

(Opinie)

BRUSSEL – Oorlog in Gaza: veel aandacht. Oorlog in Oekraïne: veel aandacht. Oorlog in Oost-Congo: heel weinig aandacht, duurt te lang, al meer dan dertig jaar. Toch denken velen dat de ellende daar pas drie jaar geleden begonnen is, toen een militie van Congolese oud-militairen onder de naam M23 in opstand kwam tegen de regering en daarvoor de steun kreeg van buurland Rwanda. Sedertdien is er sprake van een oorlog tussen Rwanda en Congo.

Maar de twee aan Rwanda grenzende Kivu-provincies (Noord en Zuid) worden al sedert 1996 geteisterd door gewapende milities, die moorden, verkrachten, plunderen en brandstichten. M23 is slechts één van die milities maar wel de voor president Tshisekedi meest bedreigende, juist vanwege de Rwandese steun.

Chaos en onveiligheid

M23 heeft in januari de hoofdsteden Goma en Bukavu van de twee Kivu’s veroverd, waardoor de ellende voor de bevolking alleen maar is toegenomen: duizenden doden, ontelbaar veel gewonden en meer dan vijf miljoen vluchtelingen die nergens heen kunnen en door geen enkele instantie geholpen worden. Ook de al niet zo goed functionerende gezondheidszorg is drastisch verminderd. Kinderen kunnen niet meer naar school en worden vaak door milities ontvoerd.

De vergelijking met de moord- en vernielzucht in Gaza ligt voor de hand, maar er is één groot verschil: het gaat hier niet om een smalle strook maar om een uitgestrekt gebied waar miljoenen mensen al eeuwen lang leefden van landbouw en handel. De nieuwe heersers slagen er niet in van Goma en Bukavu ordelijk bestuurde steden te maken. Chaos en onveiligheid maken het leven er ondraaglijk. Wel worden dagelijks nieuwe belastingen geheven. Voetgangers, fietsers, automobilisten, vrachtwagenchauffeurs: allen moeten ze betalen. Wie dat niet doet, riskeert ter plekke te worden neergeschoten.

Hongersnood

In beide steden dreigt hongersnood omdat er vrijwel geen levensmiddelen meer worden aangevoerd. De boeren, die daar tot voor kort voor zorgden, zijn voor het geweld op de vlucht geslagen en produceren dus niet meer. Plunderaars roven het weinige voedsel dat er nog is. Vaak worden ze betrapt door “gewone” burgers, die de dieven dan lynchen of levend verbranden.

Wie nog een beetje voor orde hadden kunnen zorgen zijn de VN-blauwhelmen. Maar die worden stelselmatig terug getrokken op bevel van Tshisekedi. Die zet liever zijn eigen militie in, de zogenoemde Wazalendo, ook bepaald geen lieverdjes. Uit Oost-Europa afkomstige huurlingen hebben de opmars van de rebellen evenmin kunnen tegen houden. Samen met het regeringsleger hebben ze de benen genomen.

Apart personage

De meeste aandacht van de Congolese media ging de afgelopen tijd evenwel uit naar een heel apart personage: oud-president Kabila. Die was uit Zuid-Afrika terug gekeerd naar zijn vaderland. Nee, niet naar Kinshasa, maar naar Goma, een stad waar de Rwandese vijand de baas is. Kabila is dus een verrader. Vonden de journalisten en Tshisekedi.

Na zijn presidentschap was Kabila ere-senator geworden voor het leven, met een riante parlementaire vergoeding boven op zijn al even riant pensioen. Om hem te straffen voor zijn verraad werd zijn parlementaire onschendbaarheid opgeheven. Zo kan hij voor de rechter worden gedaagd om zich te verantwoorden, zo zegt de regering toch, voor de volgende misdaden: niet alleen verraad maar ook deelneming aan een opstandige beweging, medeplichtigheid aan oorlogsmisdaden en aan misdaden tegen de menselijkheid. Op al die feiten staat de doodstraf.

Tegelijkertijd publiceerden de Congolese media nieuwe onthullingen over – ik citeer letterlijk – Kabila’s verduistering van miljoenen dollars, plundering van publieke fondsen en totaal misprijzen voor de rechtsstaat. Goed werk van de Congolese media zou je zeggen. Nee dus, we zijn in Congo. De journalisten hebben verbod gekregen om nog over Kabila te berichten, ze mogen zelfs zijn naam niet meer noemen.

Dat komt omdat Kabila in een lange toespraak op internet de regering van Tshisekedi een dictatuur had genoemd en zijn landgenoten had opgeroepen die omver te werpen. Een wonderlijke manier van doen. Want zonder Kabila zou Tshisekedi nooit president geworden zijn.

Gewapenderhand verdrijven

In 2018 werden verkiezingen gehouden om een opvolger te kiezen voor Kabila, die eindelijk, na 18 jaar regeren, opstapte. Die verkiezingen werden gewonnen door Martin Fayulu. Daar waren alle onafhankelijke waarnemers het over eens. Maar dat beviel Kabila niet, Fayulu was niet de man die hem zou toelaten zijn corrupte praktijken voort te zetten. Daarom gaf hij bevel aan de “onafhankelijke” kiescommissie om Tshisekedi tot overwinnaar uit te roepen.

De voorzitter van die commissie was toen Corneille Nangaa, die met plezier deed wat zijn baas hem opdroeg. Diezelfde Nangaa is tegenwoordig voorzitter-stichter van een organisatie die hij “Alliance Fleuve Congo” noemt. Die treedt op als de burgerlijke bondgenoot van M23. Nangaa en Kabila bevinden zich nu samen in Goma. Beide heren schrikken er dus niet voor terug om te proberen de man, die ze zelf president hebben gemaakt, gewapenderhand te verdrijven. Een “renversement des alliances”, waarvoor de bevolking de tol betaalt maar in het wonderbaarlijke Congo niet uitzonderlijk is.

Want wie is onlangs op bezoek geweest bij Tshisekedi? Niemand minder dan Martin Fayulu, de echte winnaar in 2018 en de man die de “verkiezing” van Tshisekedi toen een electorale staatsgreep noemde (wat het ook was). Beide mannen hebben elkaar hartelijk omhelsd. De verzoening was noodzakelijk, zo zei Fayulu, om het vaderland te redden. Maar hoe die redding dan moet gebeuren vertelde hij er niet bij. Kabila wil de macht heroveren, Tshisekedi wil ze niet afgeven. Onderhandelingen tussen Congo en Rwanda/M23 in Qatar en Washington slepen al maanden aan maar aan het bloedvergieten komt geen einde. Een oplossing is niet in zicht. Zoals in Gaza.

Walter Zinzen, 13.06.25

Een opiniestuk dat verscheen bij De Morgen. CongoForum publiceert de tekst met toestemming van de auteur. Walter Zinzen was vroeger journalist bij de VRT.

Beeld-bron: ministerie van Defensie DRC

Nos sponsors