
BRUSSEL – Kinderen betalen een bijzonder hoge prijs in de huidig ebola-uitbraak in het noordoosten van de Democratische Republiek Congo (DRC). Ze lopen niet alleen een groter risico om aan de ziekte te overlijden dan volwassenen, maar maken ook een opvallend groot deel uit van de besmettingen. Volgens Epicentre, het epidemiologisch onderzoekscentrum van Artsen Zonder Grenzen (AZG), is bijna één op de vier bevestigde ebolapatiënten in Noord-Kivu een kind. AZG roept op om de specifieke noden van kinderen centraal te stellen in zowel de medische hulpverlening als het onderzoek naar nieuwe behandelingen en vaccins.
Hoewel ebola voor alle leeftijdsgroepen levensbedreigend blijft, zijn vooral jonge kinderen bijzonder kwetsbaar. In Noord-Kivu is 24 procent van de bevestigde gevallen jonger dan vijf jaar, tegenover 13 procent in Ituri. Bij kinderen jonger dan één jaar gaat het om 13 procent van alle besmettingen, tegenover 6 procent in Ituri. In het Ebola Treatment Center (ETC) van AZG in Butembo, Noord-Kivu, overleden tussen juni en september 2026 alleen al 24 van de 30 opgenomen kinderen aan het Bundibugyo-virus. De meeste van hen waren jonger dan vijf jaar.
De snelle verspreiding van het virus in de gemeenschap en de beperkte toegang tot gespecialiseerde zorg dragen bij aan deze hoge sterftecijfers. “Een bijkomend maar schrijnend probleem is dat eerstelijnsgezondheidscentra vaak niet beschikken over de gespecialiseerde expertise, apparatuur en maatregelen voor infectiepreventie en -bestrijding die nodig zijn om verdachte gevallen te identificeren en veilig te behandelen”, legt Stéphanie Hoffmann, projectcoördinator voor Artsen Zonder Grenzen in Butembo, uit. “De meeste kinderen die deze zomer in ons ETC in Butembo werden opgenomen, waren in de dagen of weken voor hun opname al opgenomen in verschillende zorginstellingen voor andere aandoeningen. Hun familieleden hadden zelf geen ebola, en het is zeer waarschijnlijk dat deze kinderen de ziekte binnen zorginstellingen hebben opgelopen.”
Het is dan ook cruciaal om infectiepreventie en -controle in gezondheidsinstellingen te versterken, voldoende beschermingsmateriaal beschikbaar te maken en zorgverleners in niet-ebola-gezondheidscentra in risicogebieden beter op te leiden. Zo kunnen essentiële gezondheidsdiensten blijven functioneren en kan zorggerelateerde overdracht voorkomen worden.
Medische, maar ook menselijke zorg
Een opname in een ebolabehandelcentrum is voor kinderen bijzonder ingrijpend. Jonge patiënten begrijpen vaak niet wat er gebeurt en zijn afhankelijk van volwassenen voor hun basisbehoeften. Daarom richt AZG observatieruimtes voor ouders in en zet de organisatie speciaal opgeleide verzorgers in die dagelijks emotionele steun en praktische hulp bieden aan opgenomen kinderen. Deze verzorgers hebben uiteenlopende achtergronden, waaronder, maar niet beperkt tot, ebola-overlevenden. In het Kitatumba Ebola Treatment Center in Butembo ondersteunen momenteel dertien verzorgers de jonge patiënten. Hoewel deze aanpak de moeilijke omstandigheden niet wegneemt, biedt ze kinderen broodnodig menselijk contact en emotionele steun tijdens hun behandeling.
Kinderen mogen niet langer achteraan aansluiten
“Naast de enorme uitdagingen bij de zorg voor jonge patiënten, kampen medische instellingen met een gebrek aan doseringsrichtlijnen voor kinderen en een beperkte beschikbaarheid van kindvriendelijke formuleringen van experimentele geneesmiddelen. Medische zorg, operationele planning en onderzoek moeten veel sterker vertrekken vanuit de specifieke behoeften van kinderen”, aldus dr. Guyguy Manangama, epidemioloog en adjunct-directeur operaties bij Artsen Zonder Grenzen.
Ook als het gaat om toegang tot innovatieve medische hulpmiddelen, blijven kinderen meestal achter. Van oudsher worden ze vaak uitgesloten van klinisch onderzoek of pas na aanzienlijke vertragingen erbij betrokken, waardoor gevaarlijke hiaten ontstaan in de wetenschappelijke onderbouwing en de toegang tot potentieel levensreddende behandelingen.
“Behandelingen, vaccins en andere preventieve middelen moeten vanaf het begin van het onderzoek worden geëvalueerd voor gebruik bij kinderen en zonder vertraging toegankelijk worden. Echter, in de huidige uitbraak worden kinderen nog steeds achtergelaten, met zeer beperkte toegang tot vaccinatieproeven, -campagnes en de nieuwste therapeutische innovaties, ondanks het feit dat zij een aanzienlijke ziektelast dragen. Kinderen kunnen niet blijven wachten op gegevens die bij volwassenen zijn verzameld voordat de zorg en preventie van ebola ook voor hen vooruitgaat”, voegde dr. Guyguy Manangama toe.
AZG roept nationale autoriteiten, onderzoeksinstellingen, farmaceutische bedrijven en internationale financiers op om van de opname van kinderen in lopend en toekomstig onderzoek naar het Bundibugyo-virus een prioriteit te maken. Toegang tot nieuwe vaccins en behandelingen is essentieel om vermijdbare sterfgevallen te voorkomen en de vooruitzichten van een van de meest kwetsbare groepen te verbeteren.
Impact reikt verder dan ebola
De gevolgen van de uitbraak beperken zich niet tot ebola alleen. Wanneer gezondheidsdiensten verstoord raken, nemen ook de risico’s die gepaard gaan met ondervoeding, door vaccinatie te voorkomen ziekten en andere veelvoorkomende kinderziekten snel toe. Daarom moeten routinematige vaccinaties, voedingsprogramma’s en toegang tot eerstelijnszorg een integraal onderdeel vormen van de respons op de uitbraak, benadrukt AZG.
Bron: persbericht Artsen Zonder Grenzen, 16.10.26
Beeld – bron: Radio Okapi