
GOMA/BUKAVU – De rebellen van M23/AFC executeren willekeurig mensen, folteren, organiseren dwangarbeid en ronselen mensen voor de mijnen die ze controleren in het oosten van de DR Congo. Ze laten ook goud en coltan de grens met Rwanda over smokkelen. Dat zegt de mensenrechtenorganisatie Amnesty International, die zich baseert op talloze getuigenissen, foto’s en video’s.
In een nieuw rapport stelt Amnesty dat de rebellen de mensenrechten ernstig schenden in de mijnen waar ze de macht uitoefenen. Sommige strijders executeren personen, en ook andere schendingen van de mensenrechten zijn bepaald niet zeldzaam, meldt Radio France Internationale.
De organisatie had 26 interviews en analyseerde foto’s en video’s. Ze heeft bewijzen van de executie van 18 ambachtelijke mijnwerkers. Deze mensen werden gedood in Rubaya (Noord-Kivu) en Lomera (Zuid-Kivu). Tien van hen werden doodgeslagen, twee stierven door kogels en zes anderen werden ontvoerd en nadien dood teruggevonden.
16 mijnwerkers en omwonenden van mijnen verklaarden te zijn gemarteld of mishandeld. In Rubaya werden meer dan 20 arbeiders opgesloten in een ondergrondse cel; zij werden dagelijks drie keer geslagen.
Dwangarbeid komt ook voor in de bezette mijnen. Sommige mijnwerkers moesten meer dan een week lang onder de grond blijven. Anderen moesten een som geld betalen om te vermijden dat ze naar een trainingskamp voor M23-strijders zouden worden gestuurd.
Nog steeds volgens Amnesty laten de rebellen goud en coltan naar Rwanda smokkelen. Zo was er sprake van transporten per boot vanuit Lomera naar Kamembe in het westen van Rwanda.
De rebellen en de Rwandese autoriteiten wilden niet reageren op het rapport.
© CongoForum, 21.09.26 (db)
Lees meer:
Beeld – bron: illustratief, mijnen/Radio Okapi